Zoeken
Spelenderwijs van peuter naar kleuter doorgroeien: dat is...
13oktober2017
Een veilige fiets om op naar school te fietsen. Dat was de...
HANDELINGSGERICHT WERKEN met groepsplannen

Bron: JSW - september 2010
door Wijnand Gijzen

Wij hebben als schoolteam besloten om handelingsgericht te gaan werken met groepsplannen. Hier zijn wij in het schooljaar 2012-2013 mee begonnen. Dit artikel geeft informatie over het handelingsgericht werken. U  leest waar de verschillen zitten met het gangbare werken met groepsplannen en wat de meerwaarde van de nieuwe werkwijze is. De verschillende stappen van handelingsgericht werken met groepsplannen komen aan de orde.

 

Een handelingsgericht groepsplan legt de focus meer op de toekomst. Het is sterk proactief. Hoe kun je, gezien de kenmerken van de leerlingen nu, het beste omgaan met de doelen en wat leerlingen nodig hebben om deze te bereiken in de komende planperiode? Het antwoord op deze vragen vormt de inhoud van het groepsplan. In het groepsplan zal dan bijvoorbeeld beschreven worden welke leerlingen aan de instructietafel moeten komen – zij hebben behoefte aan extra instructie – en welke leerlingen een verkorte instructie krijgen in combinatie met meer complexe verwerkingsstof – zij hebben behoefte aan meer uitdaging. Maar ook welke leerling behoefte heeft aan complimenten zodat hij meer competentiegevoelens ontwikkelt. In de praktijk blijkt dat een handelingsgericht groepsplan ook nog wat curatieve elementen in zich kan hebben. Bijvoorbeeld: als de komende planperiode de spellingcategorie eind –d/-t niet meer in de leerlijn aan de orde komt en er zijn toch nog leerlingen die dit nu niet beheersen, dan kun je dat toch nog voor die groep leerlingen als doel stellen. Je kijkt dan wél naar wat de leerlingen nodig hebben
om dit doel te bereiken. Bijvoorbeeld: opnieuw instructie over de spellingregel aanbieden, inslijpen van de regel, dagelijks een leesmoment waarop de woorden die eindigen op -d/-t worden herkend, enzovoorts.
 
Onderwijsbehoeften
De basis van het handelingsgerichte groepsplan zijn de onderwijsbehoeften: datgene wat een leerling nodig heeft om het volgende doel in zijn (leer)ontwikkeling te kunnen maken. Als eerste kijkt de leerkracht naar de verzamelde kenmerken van de leerling: de werkhouding, de resultaten tot nu toe, de taakbeleving van de leerling, fysieke kenmerken, stoornissen, enzovoorts. De leerkracht bepaalt dan, al dan niet in samenspraak met de leerling, het doel (of de doelenset) die voor de komende planperiode wordt nagestreefd. Daarna gaat hij na wat er nodig is om het gestelde doelen te bereiken. Dit zijn de onderwijsbehoeften.
Door uit te gaan van onderwijsbehoeften wordt het denken in termen van tekorten, achterstanden en stoornissen verlaten. De focus komt te liggen op wat er wél kan, op de mogelijkheden en kansen die er zijn. Deze denkomslag (naar pedagogisch optimisme) is de kern van het handelingsgericht werken. Het opent de ogen en daarmee het aantal handelingsalternatieven. En dat kan de ontwikkeling van leerlingen alleen maar ten goede komen. Samen met de groepsoverzichten zijn de groepsplannen de structuur waarbinnen dit plaatsvindt. Handelingsgericht werken met groepsplannen is een cyclisch proces en eindigt met een evaluatie. De ervaring met de aanpak en de mate waarin de doelen behaald zijn geven richting aan de nieuwe cyclus. Voor voldoende effectiviteit wordt aanbevolen om de cyclus ten minste drie keer per schooljaar per vak- of vormingsgebied te doorlopen. In de volgende paragrafen zullen de zes stappen uit deze cyclus worden besproken. Bij het uitvoeren van de stappen wordt de leerkracht begeleidt door de intern begeleider, onder andere door middel van een groepsbespreking. In dit artikel wordt hier niet op ingegaan. De werkwijze van de leerkracht staat centraal.


Verzamelen van gegevens (stap 1)
Als eerste verzamelt de leerkracht gegevens van de leerlingen uit zijn groep. Dat doet hij voor de vak- en vormingsgebieden waarover schoolafspraken zijn gemaakt. Bij ‘leervakken’ wordt ook de werkhouding en de taakbeleving meegenomen. Sociale competentie wordt als een apart domein beschouwd. Deze gegevens worden tijdens de voorgaande planperiode vezameld en genoteerd in een groepsoverzicht − een totaaloverzicht van alle relevante leerlinggegevens op dit vakgebied: landelijke genormeerde (Cito)toetsen, methodegebonden toetsen of observatiegegevens. Er kunnen echter ook gegevens (in steekwoorden) worden toegevoegd vanuit gesprekken met ouders of leerlingen. Bij voorkeur worden ook stimulerende of belemmerende factoren in het groepsoverzicht opgenomen. Een stimulerende factor is een kenmerk van de leerling of in de omgeving die de ontwikkeling op het betreffende vak- of vormingsgebied positief beïnvloedt. Zij bieden handvatten voor het benoemen van de onderwijsbehoeften en het formuleren van de juiste aanpak. Voorbeelden: een goede motivatie of ouders met een warme en grenzenstellende opvoedingstijl. Een belemmerende factor doet juist het tegenovergestelde. Een voorbeeld hiervan is het hebben van verkeerde vrienden. De gegevens worden voorafgaand aan het maken van een groepsplan verzameld in het groepsoverzicht. Voor elk vak- of vormingsgebied is een apart schoolspecifi ek groepsoverzicht ontwikkeld. De verzamelde leerlinggegevens moeten voldoende zijn om te kunnen signaleren: heeft deze leerling voor de komende planperiode een specifieke onderwijsbehoefte?
 
Signaleren van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften (stap 2)
Binnen de school zijn afspraken gemaakt over welke criteria er zijn om leerlingen te signaleren die een specifieke onderwijsbehoefte hebben. In veel scholen gelden de Cito-niveaus I, IV en V als signaal. Dat geldt ook voor de scores op methodegebonden toetsen: het herhaaldelijk niet voldoen aan het 80% beheersingscriterium, of juist als een leerling altijd alle opgaven goed maakt, is eveneens een signaal. Werkhoudingsproblemen of problemen in de taakbeleving zijn ook reden om een leerling ‘aan te vinken’. Ook de stap van het signaleren is in het groepsoverzicht opgenomen. In het algemeen geldt dat deze stap pas effectief doorlopen is als alle leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften uit de verzamelde gegevens zijn gehaald.
 
 
Benoemen van de specifieke onderwijsbehoeften (stap 3)

In het groepsoverzicht is de laatste kolom gereserveerd voor het benoemen van de onderwijsbehoeften voor de leerlingen die daarvoor gesignaleerd zijn. Voor veel leerkrachten is dit een lastige stap. Ten eerste moet de leerkracht overzicht hebben over de leerlijn. Hieruit worden de doelen gehaald die voor de komende planperiode worden nagestreefd. Dat geldt vooral in het geval een leerling een eigen ontwikkelingsperspectief heeft. Ten tweede moet hij uit de leerlijn een keuze maken. Als de cyclus van handelingsgericht werken drie keer per jaar wordt doorlopen, is het niet één doel dat hij per planperiode nastreeft. Vaak is er sprake van een reeks doelen, een doelenset. Het vraagt dan ook heel wat om met deze set in het achterhoofd de specifieke onderwijsbehoeften te benoemen. Officieel bestaat een onderwijsbehoefte uit een doel en uit een beschrijving van wat er nodig is. In veel groepsoverzichten worden de doelen niet apart genoemd. Deze noteert de leerkracht eerst in het groepsplan. Met dit bij de hand noteert de leerkracht als laatste in de meest rechtse kolom van het groepsoverzicht alleen nog wat er nodig is. Een belangrijk hulpmiddel hierbij is een lijstje met een opsomming van (bijna alle) mogelijke onderwijsbehoeften. Bekend is de indeling in vijf groepen onderwijsbehoeften: instructie, leertijd, feedback, sociale interactie en uitdaging. De centrale afsluitende vragen bij deze stap zijn: zijn de specifieke onderwijsbehoeften kwalitatief goed benoemd en kan er op grond daarvan een clustering worden gemaakt?

Clusteren van leerlingen met overeenkomstige specifieke onderwijsbehoeften (stap 4)
De leerlingen met overeenkomstige specifieke onderwijsbehoeften worden gegroepeerd. Dat groeperingproces gebeurt door middel van het maken van een cirkeltekening (die gevuld worden met steekwoorden). Het leidend principe voor de indeling zijn de doelstellingen. Een aanvullend of ander doel betekent een cirkel aan de buitenrand  respectievelijk buiten de basiscirkel. Voor de indeling in subgroepen geldt dat een subgroep altijd bestaat uit een gelijke doelenset en een gelijke aanpak. Niet alle onderwijsbehoeften zijn te clusteren. Leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften die net even van elkaar verschillen, worden toch bij elkaar geplaatst. Dit doen we om te veel cirkels – en daarmee een te ver doorgevoerde individualisering – zo veel mogelijk te voorkomen. De clustering is op deze manier een proces van beredeneerd keuzes maken. Het onderwijs moet realistisch en groepsgewijs georganiseerd zijn en  tegemoetkomen aan zo veel mogelijk specifieke onderwijsbehoeften. Aan het einde van deze stap geldt de vraag: zijn de leerlingen op zodanige wijze geclusterd dat er voldoende aan hun specifieke behoeften tegemoet kan worden gekomen, maar dat dit voor de leerkracht ook ‘behapbaar’ is?

Opstellen van het groepsplan (stap 5)
Nadat de tekening is gemaakt, stelt de leerkracht het groepsplan op. De cirkels worden als aparte subgroepen in het groepsplan opgenomen. Op veel scholen is het groepsplan de basis voor de week- of dagplanning. Voor elke subgroep beschrijft de leerkracht de  oelenset (SMART), de aanpak en de organisatie. De kolom evaluatie van het groepsplan laat de leerkracht leeg (of hij vult hier in op welke wijze en wanneer hij de doelen gaat evalueren:de planning van de evaluatie). In een goed groepsplan komen didactiek, pedagogiek en  management samen. De leerling met een eigen leerlijn krijgt ook een plek in het groepsplan. Hij vormt als het ware een eigen subgroep. Op deze wijze houdt de leerkracht overzicht over het geheel van zijn groep, zodat het werken ermee vergemakkelijkt wordt. Werken met meerdere individuele handelingsplannen blijkt in de praktijk namelijk niet goed te werken. Na afl oop van deze fase is het antwoord op de volgende vraag positief: komt de aanpak in het groepsplan voldoende tegemoet aan de specifieke onderwijsbehoeften en is deze qua pedagogiek, didactiek en management voldoende onderbouwd en uitgewerkt?
 
Uitvoeren van het groepsplan (stap 6)
Geen groepsplan is statisch. Als er zich tussentijds veranderingen voordoen, kan de leerkracht het groepsplan op kleine punten best aanpassen. Waar het om gaat is dat het een leidraad is. Het verdient aanbeveling dat de leerkracht tijdens de uitvoering van het groepsplan feedback krijgt op zijn handelen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren door uitwisseling van groepsplannen in een bouwoverleg of door een klassenobservatie van een collega.
Gedurende de uitvoering van het groepsplan verzamelt de leerkracht weer nieuwe gegevens die hij in het volgende groepsoverzicht noteert. Dit groepsoverzicht is feitelijk een deel van de evaluatie van het groepsplan. Bij het ingaan van de volgende cyclus van handelingsgericht werken, evalueert de leerkracht het groepsplan. Hiervoor gebruikt hij de laatste kolom: de evaluatie. Bijzonderheden die hieruit naar voren komen, neemt de leerkracht mee in het groepsoverzicht en daarmee in de ontwikkeling van het volgende groepsplan. Door het groepsplan te archiveren is er voor elke leerling navolgbaar welk onderwijs hij heeft genoten en wat de resultaten hiervan zijn.
Het achterliggende idee bij het  tegemoetkomen aan specifieke onderwijsbehoeften is dat leerlingen meer betrokken gedrag zullen laten zien. Heeft dit groepsplan geleid tot meer betrokken leerlingen? 1-zorgroute.nl (algemene informatie)

Een voorbeeld:
Sunny uit groep 6 leest op niveau AVI-5 (beheersing). Hij is weinig gemotiveerd. De leerkracht heeft geobserveerd dat Sunny terugvalt in een spellende strategie als hij wordt geconfronteerd met meerlettergrepige woorden. Het doel voor de komende drie maanden wordt gesteld op het beheersen van AVI-6. Als onderwijsbehoeften formuleert de leerkracht: meerdere keren per week korte leesmomenten, inoefening van letterclusters, competentiegerichte feedback en leesteksten die aansluiten bij Sunny’s interesses. De onderwijsbehoeften verwerkt de leerkracht in de uiteindelijke
aanpak in het groepsplan.